Gedachten over het huwelijk

Lezing en gespreksvragen voor de bezinningsdag over het huwelijk in 2004

Ik wil met jullie enkele lijnen trekken vanuit bovengenoemde passages m.b.t. man en vrouw.

Afbakening: Een stukje studie ter verrijking van de gesprekken. Het doen van een handreiking voor in de praktijk laat ik graag over aan elkaar als we in de groepen uiteen gaan.

 

> Lezen Efeze 5:22-33

 

Het thema wat vandaag op tafel komt is vaak een ondergeschoven onderwerp. Als je het ter sprake brengt kan dat soms heftige reacties geven. Wat hier staat gaat tegen je vlees in.

Misschien herkennen we ook bij onszelf de neiging om ergens bij deze teksten ‘…ja maar…’ te zeggen. Bepaalde opdrachten zijn (soms) niet zo makkelijk te volbrengen. Het nadenken over deze dingen kan soms ook pijn doen…herinneringen oproepen.

 

Dwingende kaders passen niet meer bij onze maatschappij, waarin gezag en autoriteit niet meer vanzelfsprekend zijn. En wat moeten we dan met zo’n hoofdstuk…

Het is van groot belang dat we ons terdege realiseren dat de adviezen die Paulus aanreikt niet in de eerste plaats cultureel bepaald zijn, maar hun wortels hebben in de ordening die God zelf aangebracht heeft. We kunnen niet op grond van sociologisch bepaalde normen de bijbel interpreteren, maar slechts vanuit het diepe besef dat God zelf hierin de grondslagen geeft voor het menselijk leven.

 

Laten we elkaar vandaag ‘bij de les’ houden van het God en Zijn woorden. Laten we vallen voor dat wat God ons vandaag wil leren.

 

Efeze 5:22-33

Ik wil een aantal facetten uit deze passage belichten:

  • De reden waarom Paulus dit schrijft.
  • Hoe normatief (bindend) zijn de opdrachten die hier gegeven worden?
  • De link naar Genesis…
  • Een kleine verkenning rondom de schepping en de zondeval.

 

1. De reden waarom Paulus dit schrijft

 

A. Het hoofdstuk als context

In vers 21 staat: ‘Wees elkaar onderdanig in de vrees van Christus.’

Deze opdracht vloeit voort uit vers 1-2: ‘Wandel in de liefde zoals ook Christus ons heeft liefgehad…’

Efeze 5 leert ons hoe we mogen en kunnen wandelen zoals Christus dat deed.

1. de wandel in de liefde (5:2) De agapé-liefde, opofferende, belangeloze liefde
2. de wandel in overgave of toewijding (5:2)
3. de wandel in het licht (5:8) Zo (5:9) wordt ‘de vrucht van het licht’ (lett.
‘de vrucht van de Geest’ - Gal.5:22) werkelijkheid in je leven.
4. de wandel in wijsheid (5:15)

Deze facetten vormen de basis voor een steeds meer volwassen wordende christen. Worden als Christus. Hij diende ons en wij worden geroepen om elkaar te dienen. Ook in het huwelijk dus…

 

B. De tijd van toen als context

De boodschap van vers 21 was in de eerste christengemeente revolutionair. De nieuwe veranderde omgang tussen man en vrouw in het huwelijk was al een getuigenis van het christen zijn.

Mannen en vrouwen in Efeze en omstreken waren tot voor kort heidenen. De status van een vrouw was daar te vergelijken met die van een slaaf. De vrouw had niets te zeggen en was vele malen minder belangrijk dan de man. De rol die veel vrouwen in Efeze innamen ten opzichte van de scheepslui en handelaars op doorreis (prostitutie), maakt dit nog eens extra duidelijk.

 

Was Paulus een vrouwenhater? Juist niet! Zijn boodschap geeft vrouwen en ook mannen de plaats waarin beiden tot hun recht komen. God heeft immers het beste met ons voor!

Wie verlost is door Christus, is bevrijd van de heerschappij van de zonde en de patronen die daar bij horen. In het Koninkrijk van Christus gelden heel andere regels. In Christus is noch man noch vrouw, maar een nieuw schepsel (2Kor.5:17). Een christen is vrij. En dus ook de vrouw.

 

Het begrip ‘vrijheid’ vroeg wel om een omschrijving, een afbakening. Het ene uiterste van de onvrijheid moest niet doorslaan naar het andere uiterste van de vrijheid: Ik bepaal voortaan wat ik zelf wil, want ik ben vrij.

 

2. Geen advies, maar een norm!

In deze passage wordt steeds een vergelijking gemaakt tussen het huwelijk (relatie man-vrouw) en de relatie tussen Christus en de gemeente.

Het vergelijk wordt niet gebruikt in de zin dat de omgang tussen Christus en de gemeente ons moet inspireren tot een goede omgang met elkaar, maar veel dwingender. De relatie tussen Christus en de gemeente is norm.

Vers 23: de man is het hoofd van de vrouw zoals Christus het Hoofd is van de gemeente.

Vers 24: zoals de gemeente aan Christus onderdanig is, zo moet ook de vrouw aan haar man onderdanig zijn in alles.

Vers 28. Alzo (zoals Christus) hoort de man zijn vrouw lief te hebben als zijn eigen lichaam.

 

De vrouw

Als je kijkt naar dat wat er van een vrouw gevraagd wordt ten opzichte van haar man, valt het volgende op:

Vers 22: Een persoonlijke relatie met de Heere wordt bij de vrouw verondersteld en die relatie moet haar referentiekader zijn.

Vers 24: de gemeente is onderdanig aan Christus, en daarom ook de vrouw aan de man.

 

En dan de man…

Na het bestuderen van dit stukje kunnen we nooit meer zeggen dat het alleen voor een vrouw moeilijk is wat hier staat! Twee-derde van deze passage is gevuld met aanwijzingen voor de man…

Dat is veelzeggend, denk ik…enkele regels voor de vrouw en veel meer voor de man…

 

Ook een man kan zich in zijn rol als echtgenoot niet zomaar laten leiden door wat hij zelf wil of wat gangbaar is in de cultuur waarin hij leeft.

De wijze waarop hij zijn vrouw lief moet hebben, kan hij [alleen] leren door te kijken naar Christus. Niet kijken naar ‘de ideale man’, maar naar DE Man. En dat is nogal wat!

De liefde van Christus voor de gemeente (vers 25-27) wordt gekenmerkt door:

  • Overgave (tot in de dood). Hij diende niet zichzelf, maar behartigde in alles de belangen van de gemeente.
  • Heiliging (voorbestemming tot…): in-Christus zijn we verzekerd van en voorbestemd tot reiniging. Christus verlost ons van de macht van de zonde.
  • Het hebben van een doel: Hij kijkt er naar uit en werk er naartoe om de gemeente tot haar doel te laten komen, volledig van haar te kunnen genieten en volledig éen met haar te zijn.

 

Christus houdt de gemeente in stand (vers 23). Zonder hem zou de gemeente niet kunnen functioneren. Zo is het ook bij man en vrouw: de vrouw kan niet zonder een man die zo voor haar wil zorgen.

 

Vers 28-29

Christus was in alles op de gemeente gericht. Dat kan ook niet anders als we in vers 30 lezen dat we leden zijn van Zijn lichaam. Christus is het Hoofd (5:23; Kol.1:18, 2:10) en de gemeente is Zijn lichaam. Een Hoofd zonder lichaam is niets. Het zou volstrekt ondenkbaar zijn als het Hoofd het lichaam niet lief zou hebben; het lichaam is immers een stuk van Hemzelf. Christus’liefde voor de gemeente, het lichaam, betekent dus dat Hij ons onmisbaar lief heeft. Hij kan ons niet meer missen en zal ook altijd van ons blijven houden. Zijn dood was onze dood en Zijn leven is ons leven (Rom.6).

Als deze verbintenis tussen Christus en de gemeente het voorbeeld is voor de man hoe hij zijn vrouw moet liefhebben, dan begrijpen we ook vers 28-29, waar staat dat de man zijn vrouw lief moet hebben als zijn eigen lichaam. Als een man niet in alles op het belang van zijn vrouw gericht is, is dat vergelijkbaar met het haten van je eigen vlees, met het haten van jezelf. Je haat jezelf niet, maar zoekt (normaliter) juist het beste voor jezelf. Laat het belang van jezelf het belang van je vrouw zijn.

 

Het aantasten van de verhouding tussen man en vrouw zoals die hier beschreven wordt, is niet alleen een aanval op het gezin, maar richt zich op de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente.
Als ons huwelijk, onze relatie geen voorbeeld is van het hoge huwelijk tussen Christus en Zijn gemeente dan zetten we Hem te kijk. De emancipatiebeweging en het feminisme zouden daar best een reactie op kunnen zijn. Wat we in de wereld aantreffen is (ook) de schuld van de kerk!

 

3. Link naar Genesis

In vers 31 grijpt Paulus terug op Genesis 2:24, de verhouding tussen man en vrouw voor de zondeval.

 

De eenheid tussen Christus en de gemeente is een geheimenis, een mysterie, maar wel een geopenbaard mysterie: Ef.3:8 e.v. Dat leg je niet zomaar even uit in een paar regels. Het is een bijbelstudie op zich waard. Ef.1:3 e.v. In-Hem…, volledige deling met…., zoals de hersenen in het hoofd, die het lichaam aansturen. Het hele lichaam leeft van het zelfde bloed.

Doorgaande Godsopenbaring: Eerst God met ons; later God in Ons (de Heilige Geest); nu wij in-Christus.

 

‘Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten, zijn vrouw aanhangen en die twee zullen tot één vlees zijn’…

Christus, De Man, verliet Zijn Vader om één te worden met de gemeente. Samen groeien ze op tot volmaaktheid (Ef.4:13).

Het ‘tot één vlees zijn’, wat afkomstig is uit Gen.2:21-25, betekent dan ook niet allereerst de geslachtsgemeenschap, maar de compleetheid van man en vrouw samen. Dat zie je in Gen.2 ook als je let op het woordje ‘daarom’ (vers 24). Vers 24 vloeit voort uit vers 23.

Geslachtsgemeenschap is een uiting waarbij deze eenheid zichtbaar wordt (vgl.1Kor.6:16). Anderzijds kan er op dit terrein, ook binnen het huwelijk, ook veel plaatsvinden wat juist het tegendeel onderstreept. Wij mensen mogen en kunnen binnen het huwelijk die eenheid onderstrepen, maar de eenheid tussen man en vrouw heeft diepere wortels. Hopelijk voeg ik nu geen geheimtaal aan een geheimenis toe…?

 

In Gen.4:1, ná de zondeval, staat dat Adam zijn vrouw ‘bekende’. Sommigen leiden daaruit af dat in Gen.2:24 wel [met name] de geslachtsgemeenschap bedoeld wordt. Hadden Adam en Eva voor de zondeval geen geslachtsgemeenschap? Vast staat dat de opdracht tot vruchtbaarheid al gegeven was in Gen.1:28. De uitspraak van Adam in Gen.2:24 toont aan dat hij al bekend was met het feit dat er kinderen en ouders zouden zijn. Ik neem aan dat hij ook voor de zondeval al wist hoe voortplanting en geslachtsgemeenschap met elkaar verbonden waren.

 

4.a. Van de schepping tot de zondeval

Vanuit de periode rondom schepping en zondeval kunnen we een aantal belangrijke dingen leren:

 

Adam

Gen.1:26-27 God schiep de mens, de ‘adam’.

De hoofdbetekenis van het woord ‘Adam’ is ‘mens’. ‘Adam’ is gelinkt met ‘adamah’ (aarde). Vingerwijzing naar zijn afkomst en (na de zondeval) bestemming.

Het hebreeuwse woord voor man is ‘ish’ en voor de vrouw ‘isha’.

Adam is ook de eigennaam van de eerste mens (2:19).

 

Er bestaan verschillende vertaalkeuzes wat betreft het gebruiken van ‘Adam’ als eigennaam binnen het boek Genesis. De ene vertaling begint er eerder mee dan een andere.

 

Gelijkwaardigheid voor God

Gen.1:27 Man en vrouw zijn beiden geschapen naar Gods beeld. Tellen dus ook allebei mee. Het eerste gegeven over man en vrouw betreft dus hun gelijkwaardigheid voor God.

 

Gen.1:28 / 1Tim.2:13; tegelijk geschapen of na elkaar? Tussen het scheppen van de Adam en de formering van Eva zit tenminste de naamgeving van de dieren (2:19-20).

 

Samen compleet – niet hetzelfde

De man is geschapen uit de aarde. De vrouw is geschapen uit de man (rib).

Gen.2:18, 20 De man zonder vrouw is niet compleet. De mens miste een hulp tegenover zich.

Hulp = keneghdo = een waardige tegenpool. Eva completeerde de man.

Man en vrouw zijn een eenheid. Ze zijn daarmee niet automatisch gelijk. De delen die samen 1 zijn, zijn niet verwisselbaar. Geen scheiding, maar wel onderscheid.

 

Zowel de gelijkwaardigheid als de ongelijkheid van man en vrouw (1Tim.2:13, 1Kor.11:8-9) liggen dus in de schepping besloten.

 

Volkomen beeld van God

Adam en Eva waren samen een volkomen mens. Ze waren een volkomen beeld van het wezen en de eenheid van God. Gen.1:17.

God = éen (unus). Deut.6:4 / Mt.12:30-31… het grote gebod: ons liefhebben van God berust op Zijn eenheid.

Gods eenheid concreet: God = eenduidig. Zijn Wezen is in overeenstemming met Zijn werk. God is integer: onbreekbaar, en niet different (innerlijk verdeeld). Daar doet Zijn drie-eenheid niets vanaf. 2Tim.2:13. 1Kor.1:13 Christus / Joh.10:35 Schrift.

 

De mens voor de val is ook unus. De mens kreeg o.a. het stempel zeer goed (Gen.1:31).

Het is daarom niet alleen fijn voor ons mensen om een goed huwelijk te hebben, maar het huwelijk heeft ook veel waarde voor God; het moet bewaard worden als een afbeelding van de integriteit en de trouw van God.

 

4.b. Vanaf de zondeval

De betekenis van ‘zonde’ is ‘doel missen’. Na de zondeval missen wij ons doel. We kunnen niet meer volmaakt doen wat we moesten doen: cultuurmandaat (heersen over de schepping) en gezinsmandaat (vruchtbaar zijn) Gen.1:28.

 

Eerst de vrouw, dan de man

In de schepping was eerst de man en daarna de vrouw (1Tim.2:13)

Zondeval: eerst de vrouw en dan de man

Man en vrouw hebben in de zondeval allebei een eigen aandeel. Allebei zijn ze schuldig.

 

Verleiding en overtreding

De slang kwam eerst tot Eva en verleidde haar. (1Tim.2:14) Eva wordt de verleiding toegerekend.

Adam volgde Eva (bewust!) in de zonde. (Rom.5:12-21) Adam wordt de overtreding toegerekend.

 

De straf voor de man

De straf van de man is in relatie tot de aarde. Hij is ‘er naast komen te staan’ (parabasis), afgestapt van de plek die God hem gegeven had. Ten opzichte van de aarde is de man de heerschappij kwijt; de aarde is weerbarstig geworden (Rom.8:20). De aarde is vanwege de man vervloekt. De dood is ingetreden: de mens keert weer tot stof (aarde).

 

De straf voor de vrouw

De straf van de vrouw is in relatie tot haar man (Gen.3:16-18). Vruchtbaarheid blijft gelden, maar zal wel gepaard gaan met moeite en pijn. Door de begeerte tot de man zal deze pijn niet te ontlopen zijn. De man zal over de vrouw ‘heersen’ (Gen.3:16!). Je zou dit laatste een vermomde zegen kunnen noemen: het is deels een straf, maar ook een bescherming voor de vrouw, die kwetsbaar is geworden.

 

In een christelijk huwelijk wordt het ‘heersen’ verzacht door het liefdegebod (Ef.5:28-29). De straf komt zo niet buiten haar proporties. De positie van de vrouw na de zondeval is misschien wel moeilijk, maar niet onhoudbaar.

 

De man als beschermer van de vrouw

Vrouwen die zich niet onder hun man opstellen, zoals in Efeze 5 beschreven wordt, staan in een kwetsbare positie. (Wordt dat bedoeld met ‘geen macht op het hoofd verdragen’? 1Kor.11:10)

Emancipatie is niet alleen een terechte bevrijding uit allerlei misstanden, maar ook een bedreiging.

Door de zondeval werd de vrouw kwetsbaar. Ze legde verbinding met de boze geestelijke wereld. De satan ontdekte die zwakke plek en zet nog steeds daar de aanval in. Gen.3:15. Door alle eeuwen heen is er de strijd tussen het zaad van de vrouw en het zaad van de slang geweest en die strijd zal tot op het einde voortduren.

 

In het huwelijk neemt de man door het innemen van zijn positie de verantwoordelijkheid om de satan en andere boze invloeden de pas af te snijden. Het doel van satan is verleiden tot afval van God. Satan wil de vrouw verleiden tot onafhankelijk handelen.

 

In termen van bescherming gesproken:

De zonde van de man wordt bedekt doordat hij Christus als zijn schuilplaats aanvaardt. De rots Petra wordt zijn schuilplaats. Van ‘parabasis’ - ernaast komen te staan - naar Petra.

1Kor.11:7-10. Een vrouw moet een ‘exousia’ op het hoofd hebben, een volmacht. Tegenover de zonde van de vrouw (‘apaté’, verleiding) staat de ‘exousia’. Als de satan bij de man komt, stuit hij op de Rots; als hij bij de vrouw komt, stuit hij op de man, die staat in de volmacht van de Rots.

 

Ongehuwde vrouwen: 1Kor.7:36, Num.30. Weduwen -69 jaar: 1Tim.5:3-16. Oude weduwen: 1Tim.4:5-6.

 

5. Appél

Voor de zondeval waren man + vrouw integer, een volmaakt beeld van God.

Na de zondeval werden man + vrouw different, innerlijk verdeeld.

Als man en vrouw beiden hun plaats innemen, blijft de herinnering aan Gods beeld bestaan.

 

Het uit elkaar vallen van het gezin, wat we in deze tijd goed kunnen zien, heeft alles te maken met het niet aanvaarden / innemen van de plaats in het gezin, zowel bij de man als bij de vrouw.

Daarmee wordt het gezag van God ondergraven.

 

Het verzet van de vrouw is begrijpelijk gezien de geschiedenis.

De reactie van de man om de vrouw nu maar te laten begaan en te laten inhalen wat ze altijd gemist heeft is misschien begrijpelijk, maar niet goed te keuren. Zowel de onderdrukking als het schuldbewust een stap terug doen is koren op de molen van satan. (Nabal 1Sam.25 / Jes.3:12).

 

Gods inzettingen zijn niet fout, maar gegeven ‘opdat het ons wel ga’.

Waar zijn de echte vrouwen? Waar zijn de echte mannen en vaders?

 

Jak.2:19 ‘God is één en de duivelen sidderen’. Voor ons huwelijk ook?

 

Algemene vragen

 

Efeze 5

Vergelijk je relatie met dat wat er in Efeze 5:22-33 over geschreven wordt.

Wat herken je? Wat spreekt je aan? Wat roept vragen bij je op?

 

Het mooie beeld moet kapot

Het aantasten van de bijbelse verhouding tussen man en vrouw is niet alleen een aanval op het gezin, maar eigenlijk op Christus en de gemeente.
Aan welke dingen merk je dat je relatie - jullie relatie - het doelwit is van de satan (tijdgeest)?

 

Vragen voor de man

 

1. De man als beeld van Christus

Ik word opgeroepen om bezig te zijn met mijn eigen opdracht.

  • Wil ik als man het voorbeeld van Christus volgen?
  • Hoe kan ik zo met mijn (toekomstige) vrouw leven dat ze kan genieten van de orde die God in het huwelijk gelegd heeft.

 

2. Geschapen naar Gods beeld…

De Heere bezit al de goede eigenschappen die zichtbaar zijn geworden in een man en vrouw in hun oorsprong: verstand, kracht, wijsheid, bescherming, gevoeligheid.

  • Welke eigenschappen van God zie je bij je partner en bij jezelf terug?

 

God geeft jullie gaven om elkaar daarmee te dienen. Samen vorm je een geheel.

  • Hoe vullen jullie elkaar aan?
  • Moet jij het zelfde kunnen als je partner?

 

3. Een gelukkig huwelijk

Om een eenheid te vormen en elkaar te dienen in liefde is het belangrijk om samen de goede prioriteiten te stellen.

  • Zet voor jezelf de volgende punten in volgorde van prioriteit: werk, partner, gezin (kinderen, vrouw), werk voor God, hobby’s…
  • Wat zijn de ingrediënten die we nodig hebben om samen gelukkig te zijn (tot je doel te komen) en God te dienen?

 

Vragen voor de vrouw

 

1. De opdracht voor de vrouw

Ik word opgeroepen om bezig te zijn met mijn eigen opdracht.

  • Onderdanig zijn aan mijn (toekomstige) man… Hoe moet ik dat zien?

 

Christus stelde Zichzelf onderdanig op naar Zijn Vader toe. Hij koos daarvoor en werd daardoor niet minder.

  • Is het echt zo moeilijk om onderdanig te zijn als ik het voorbeeld van Christus wil volgen?

 

2. Geschapen naar Gods beeld…

De Heere bezit al de goede eigenschappen die zichtbaar zijn geworden in een man en vrouw in hun oorsprong: verstand, kracht, wijsheid, bescherming, gevoeligheid.

  • Welke eigenschappen van God zie je bij je partner en bij jezelf terug?

 

God geeft jullie gaven om elkaar daarmee te dienen. Samen vorm je een geheel.

  • Hoe vullen jullie elkaar aan?
  • Moet jij het zelfde kunnen als je partner?

 

3. Een gelukkig huwelijk

Om een eenheid te vormen en elkaar te dienen in liefde is het belangrijk om samen de goede prioriteiten te stellen.

  • Zet voor jezelf de volgende punten in volgorde van prioriteit: werk, partner, gezin (kinderen, man), werk voor God, hobby’s…
  • Wat zijn de ingrediënten die we nodig hebben om samen gelukkig te zijn (tot je doel te komen) en God te dienen?