|
Levend water voor Israël Dit is een weergave van de bijbelstudie die ik
tijdens het Startkamp 2007 gehouden heb. |
|
|
|
Zingen ‘O alle dorstigen, komt
tot de wateren’ (lied 135) / gebed Inleiding
Waarom een studie over
Israël? Heeft dit iets te maken met mijn eigen vragen? Vergelijk het met een
gezin. De Vader heeft een groot gezin met veel kinderen. Het volk Israël hoort ook
bij dit gezin. Je kunt er van leren hoe de Vader omgaat met al Zijn kinderen. Vergeet nooit dat het in
Gods gezin niet om jou draait, maar om God zelf. Hij houdt Zich bezig met
individuen, maar ook met volken. En één van die volken is
het volk Israël. Ik wil het hebben over het volk
Israël en niet over de staat Israël… Ik wil het
hebben over Gods plan met Israël en niet dat van de wereldleiders. We worden van alle kanten
volgestopt met eenzijdige informatie over Israël. Maar kennen we de boodschap
van de Bijbel? Vaak
zeggen mensen, ook gelovigen: ‘Ik heb niets met Israël…’ Vaak kan ik voor die
reactie wel begrip op brengen; je moet er namelijk behoorlijk in duiken om
een beetje overzicht te krijgen en niet iedereen heeft die tijd. Toch is kennis over Israël niet alleen iets voor
mensen die wat tijd over hebben voor extra bijbelstudie. Ik geloof dat enorm
veel bijbelgedeelten voor je gesloten blijven als je weinig of niets weet van
dit volk, wat voor God zo’n belangrijke plaats
inneemt (Rom.9:4-5). Laten we ook niet vergeten wat
we aan Israël te danken hebben (Rom.11:12) en dat
het onze taak is om Israël weer jaloers te maken (Rom.11:11)
zodat ze terug gaan naar God. We gaan vanuit
Genesis een Bijbel-reis maken, die je wellicht zal
duizelen. Maar het is beter te duizelen, dan te doezelen. Er gaat iets
fantastisch gebeuren. Als één persoon ‘drinkt van het levend
water’ is er al feest in de hemel (Luk.15:7); laat staan hoe het zal zijn als
er een heel volk tot bekering komt (Rom.11:15). En
wat dacht je van vissers die hun netten uitwerpen in de Dode Zee…(Ezech.47:8-10). Het plan, het ontwerp Uitverkiezing Gen.11-50. Uitverkoren
(1Kron.16:13), uitgekozen (1Sam.12:22). Gods
oogappel (Deut.32:10; Zach.2:8),
iets wat voor God erg dierbaar is. Een goede illustratie van
wat uitverkiezing is: ‘uitverkoren tot’…en niet ‘ten koste van’… Belofte God geeft al aan Abraham
beloften voor het volk Israël (Gen.22:17-18). (1) een geweldig groot volk (2) het bezitten van het land Kanaän (3) de zegen die er van Abra(ha)ms
nageslacht zal uitgaan Taak In Ex.19:5-6 wordt
gesproken over de taak die Abrahams nageslacht heeft onder de volken: tot
zegen zijn voor hen die God niet kennen. Het bouwproject Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium Het heeft honderden jaren
geduurd voordat er iets zichtbaar werd van deze beloften. Het volk Israël maakte
moeilijke tijden mee, maar God was er bij. Ook nu nog is God erbij, ook als jij het moeilijk hebt. Tijdens
de woestijnreis kregen ze de tijd om een volk voor God worden. Wetgeving, huisregels. Geen
andere God (Ex.20:1-3). ‘Opdat het u welga’ (Deut.6:1-3). Resultaat: Ongeloof en
ongehoorzaamheid (Num.14:11), contouren van de
toekomst (Hand.7:51-53). De slavernij zat in hun hart. Als je in Gods Koninkrijk binnen gaat,breek
je met je oude leven. Je zult echter ontdekken dat je de bron van de zonde
(je vlees) met je mee blijft dragen. Alleen de kinderen bereiken
het beloofde land, samen met Jozua en Kaleb. Jozua Het land wordt in bezit
genomen. Een rustige plek om God te dienen. Het begint goed. Opruiming.
De rotte appels moeten eruit. Niets laten zitten… Wil je smaak geven, dan
moet je zout zijn (Matth.5:13). Door het evangelie aan te passen, verliest
het zijn kracht. Aan het einde van Jozua’s leven een vervolgopdracht en een vernieuwing van
het verbond. Richteren, Koningen, etc. Dat wat je niet uitroeit,
keert zich tegen je (Richt.2:3). Een accoordje is
nooit de oplossing. Tendens: niet voordoen,
maar meedoen. De gevolgen blijven niet
uit. Zegen en vloek (Lev.26, Deut.4,
Deut.28-32). Golfbeweging: koppeling
bezit en gehoorzaamheid (Richt.3:15).Het bezit van het land laat door de
geschiedenis heen een wisselend beeld zien. Maximale grootte in Salomo’s
tijd. Profeten, ballingschap Hoe zeer het
ook Gods bedoeling was dat het volk Israël, Gods zoon (Hos.11:1) in het
beloofde land gelukkig zou worden en voor Hem een koninkrijk van priesters,
een heilig volk zou zijn, het mocht niet baten. Israël koos andere wegen
(Hos.11:2). Ze vergaten de God Die hen zo onnoemelijk rijk gezegend had en vervielen
van kwaad tot erger. En nu komt het water in
beeld. Jer.2:13 en 17:13. Gods frisse water wordt ingeruild
voor goedkope dorstlessers. Dat geldt
nog steeds voor iedereen die zijn houvast zoekt buiten Jezus. Jesaja 55:1-2 De Israëlieten spannen zich in voor dat wat
hun dorst nooit verzadigen kan. En dat terwijl het levend water voorhanden was. Lees eens
in de Psalmen hoe daar gesproken wordt over het leven met God (Ps.36:8-10; 1:3). Ook Jeremia spreekt daarvan ( Jer.17:7-8). Wij zijn vertrouwd met het idee dat het
wereldwijde getuigenis pas na Pinksteren hoort te starten, maar op dat moment
moest Israël al lang met die taak bezig zijn. Dat was echter niet zo. Israël heeft van de taak die ze van God kregen (Ps.57:9-10; 105:1) weinig terecht gebracht. De ballingschap was de lang
uitgestelde reactie van God, waarmee Hij Zijn volk wilde kastijden. Het volk
bleef Zijn volk, maar veel individuen zijn hierdoor definitief de zegen
misgelopen. Verwonder jezelf over Gods enorme geduld. Lees Palm 103. Als Hij
echt zou doen wat we verdiend hebben, waren we hier nu niet. De volheid van de tijd (Gal.4:4) Jezus, Gods Zoon
En toen, in de volheid van de tijd (Gal.4:4), maar op een
dieptepunt in de geschiedenis van het volk Israël, zond God Zijn Zoon, Jezus.
Ook van Hem wordt gezegd dat Hij de Zoon is, die uit Egypte geroepen is (Mt.2:15). Jezus is echter de
Zoon in wie God een welbehagen heeft (Luk.3:22). Hij heeft de wil van Zijn
Vader gedaan en de taak volbracht waarin Israël faalde. De Eerste Jood die het tot
zegen zijn voor de volken vervult, is Jezus Christus
(Matth.1:1) De komst
van Jezus is allereerst van betekenis voor Zijn volk Israël (Matth.1:21; 15:24), maar ook voor de heidenen
(Hand.11:18; Rom.1:16; 10:13). In Christus komt de zegen die God aan Abraham gaf, tot
de heidenen; ook tot ons (Gal.3:8-9, 13-14). Geen collectieve aanname Johannes wordt Zijn wegbereider. (Mt.3:1-3):
Het Koninkrijk is nabij. De Messias komt eraan. Bekeer je. Maar wie stond er
klaar? Zal dat bij de tweede komst van
Christus anders zijn? Hoewel het de volheid van
de tijd was, nam het volk Jezus niet aan (Joh.12:37). De Joden hadden
zelfs een aandeel in Zijn kruisiging, die hoe dan ook moest plaats vinden. Velen geloofden, maar het
merendeel niet! Achteraf geschreven (Rom.9:31-33;
10:21). Het afwijzen van Jezus
betekende dat er veel mensen verloren gingen. Maar de schade was groter. Ook
het getuigenis naar de volken toe stagneerde stagneerde.
Met zondigen doe je ook altijd een
ander te kort. Alle zonden die in Efeze 5 genoemd
worden zijn het tegenovergestelde van liefde (Ef.5:1-2). In het begin
van Handelingen begint het te lijken op wat Gods oorspronkelijke bedoeling
was. Petrus haalt niet zonder reden de woorden van de profeet Joël aan. Jesaja verbindt de
uitstorting van de Heilige Geest met stromen van water die uitgegoten zullen
worden (Jes.44:3). Het boek Handelingen heeft
echter een veelzeggende afsluiting (Hand.28:25-31). Opnieuw zal het volk door
God getuchtigd gaan worden…in het jaar 70 wordt de tempel opnieuw verwoest;
veel Joden worden vermoord; de overigen worden gedeporteerd en uit het
Beloofde Land verjaagd. Nog steeds is het Joodse volk over de hele aarde
verstrooid en is er geen rust en vrede in het land wat hen door God beloofd
is. De toekomst
Hoop voor de toekomst
Had God dan het verkeerde
volk uitgekozen? Op het verkeerde paard gewed? Realiseer jezelf wat een vertrouwen God ook
in jou stelt. Hij wil je inschakelen in Zijn Koninkrijk. Jezus vervulde de belofte die
God aan Abraham gaf; maar deze belofte zal ook vervuld worden door het volk
Israël. Gods Woord zal, hoe dan ook, linksom of rechtsom, doorgaan! Israël
zal (uiteindelijk) eens tot zegen zijn voor de naties (Jes.2:2-3;
Mich.4:1-2; Matth.8:11;
Hand.3:25). Het ‘’Kom ga met ons en doe als wij’ (Ps.122)
is allereerst een uitspraak van een Israëliet. Het getuigenis vanuit
Israël blijft nog steeds een doel (Jes.2:2-5)! Dan
zal Joh.7:38 opnieuw in vervulling gaan. Stromen van levend water zullen uit
het gelovige Israël voortkomen; het Woord zal van hen uitgaan over de gehele
wereld. Ook hier zie je weer de combinatie drinken-geven
terug. Het herstel van Israël wordt uitvoerig beschreven in Rom.11.
God staat er Zelf voor in dat ongeloof en afwijzing niet het laatste woord
hebben. Er is een overblijfsel (Rom.11:1-6). En dat
overblijfsel zal zalig worden (11:25-36). God is opnieuw bereid om
hen terug te nemen en hen te reinigen van hun zonde. Dit
herstel wordt ook weer verbonden met water (Jes.12:1-3;
35:7; Zach.13:1). Verschillende profeten hebben
ook voorzegd dat er in Jeruzalem opnieuw een heiligdom zal komen (Ezech.40-47). God zelf zal in het midden van Zijn volk
wonen (Ezech.37:26-28). En vanuit
die tempel, vanuit Jeruzalem, zal het levende water stromen naar het oosten
stromen en uiteindelijk in de Dode Zee terecht komen (Ezech.47:8-10;
Zach.14:8; Joël 3:18). Op de laagste en zoutste
plaats op aarde zullen vissers netten uitwerpen. Wat een machtige God hebben
we (Ps.103:7-14, 17-19). Hij kan echt alles. Zo mogen wij de toekomst in
gaan, vol hoop! Hoop voor onszelf, maar ook voor Israël. De tijden verstaan
Hoe staat het er op dit
moment voor? De vrede
van Israël begint bij bekering en niet bij de politiek (Ezech.36:22-28;
37:11-14). Al die goed bedoelde
pogingen, het is water naar de zee dragen… Alleen Gods eigen Geest zal
sterker zijn dan de geest van ongeloof en opstandigheid. Vrede tussen Gods
schepselen in het Midden-Oosten begint bij Jezus. Denk aan de gemeenten van
Joodse en Palestijnse christenen. Alleen door de liefde vanuit God kan de haat die er
heerst overwonnen worden. Tot slot
Wat is de betekenis van dit
duizelingwekkende verhaal voor ons. Als je het nog niet ontdekt
had, dan wil ik je een tip geven. Het volk Israël houdt je een spiegel voor.
Herken je jezelf? De God die aan dit volk blijft ‘sleutelen’, mogen wij ook
dienen. Zie wat de kracht van de Geest vermag. Die Geest wil ook nu in ons
leven Zijn werk doen. Niet alles in de Bijbel
gaat over ons. Maar het voedt ons wel. Zie het als een aansporing om ook deze
moeilijke – niet zo hapklare – gedeelten uit de Bijbel te bestuderen. Zingen ‘Juich, want Jezus is Heer’ (lied 107) / gebed |