|
Achtergrondinformatie bij het boek Prediker |
|
|
|
De schrijver De naam van Salomo wordt in het boek Prediker niet genoemd. Over wie de schrijver is, zijn de meningen verdeeld. Velen stellen de Prediker gelijk met Salomo vanwege de passages die corresponderen met het leven van deze grote koning. Anderen menen dat het boek Prediker pas na de Babylonische ballingschap geschreven is door iemand die Salomo deze woorden in de mond gelegd heeft. Onder andere taalkundige aspecten wijzen in deze richting, maar ook passages als 3:16 en 5:8. In ieder geval kunnen we bij het lezen van het boek Prediker koning Salomo in onze gedachten houden, die hier direct of indirect tot ons spreekt. Goddelijke inspiratie? Over de vraag of het boek Prediker in de Bijbel thuis hoort, is bij de totstandkoming van de canon veel te doen geweest. Reden hiervoor waren de passages zoals 2:24, 3:18-20, 7:16-17, 8:15, 9:7-10, die niet lijken te sporen met de boodschap die we elders in de Bijbel tegenkomen. Zelfs atheďsten, zoals Voltaire, ondersteunden hun inbreng met dergelijke citaten uit Prediker. Anderzijds legt de Bijbel, bijvoorbeeld in het NT, links naar citaten uit Prediker: 7:2 + Mt.5:4; 6:2 + Luk.12:20; 12:4 + 2 Kor.5:10; 5:2 + Mt.6:7; 11:5 + Joh.3:8; 1:2 + Rom.8:20; 3:17 + 2Kor.5:10; 6:12 + Jak.4:16; 7:20 + Rom.3:10-12; 12:7,14 + Hebr.9:27 en Rom.2:6. Een verklaring voor de merkwaardige passages moeten we niet zoeken in feit dat Prediker wellicht niet geďnspireerd zou zijn, maar in de context waarin het boek geschreven is. De naam Prediker De schrijver presenteert zichzelf als de Prediker. De hebreeuwse naam voor Prediker = Koheleth (afkomstig van kahal) en betekent ‘bijeen verzamelen’. Letterlijk gaat het hier om iemand die het woord voert in een (volks-)vergadering en een groep hoorders om zich heen verzamelt. Volgens 12:9-10 onderwees ook Salomo door zijn spreuken en memoires het volk. Een goede vertaling voor dit woord is ‘wijsheidsleraar’. Wijsheidsleraren dienden soms ook aan het hof (zoals Husaď en Achitofel) en hadden daar de functie van raadgever. Het woord Koheleth komt 7 keer in het boek Prediker voor: 1:1, 2 en 12; 7:27 en 12:8, 9, 10. Wijsheidsliteratuur Het boek Prediker behoort, evenals het boek van de Spreuken en Job tot de zgn. wijsheidsliteratuur (hebr. chokma) in de Bijbel (ook in de Psalmen treffen we een dergelijke vorm van onderwijs aan; vb. Ps.73). In de Hebreeuwse Bijbel wordt het boek Prediker onder de feestrollen (Megilloth) gerekend. De rol van Prediker werd in de synagoge gelezen tijdens het Loofhuttenfeest (15-21 Tisri = september-oktober). De link tussen Prediker en het Loofhuttenfeest ligt mogelijk hierin dat het Loofhuttenfeest voornamelijk een - uitbundig - oogstfeest was. Prediker wil echter de betrekkelijkheid van alle aardse genietingen onderstrepen (1:2). Het beoefenen van wijsheid, waarvan de wijsheidsliteratuur de schriftelijke uiting is, was in Salomo’s tijd een gebruikelijke wijze van overdracht die we ook bij andere culturen, zoals Egypte en Babel aantreffen. Salomo, die veel contacten onderhield met Egypte, nam deze vorm over (12:9-10) en drukte daar een eigen stempel op, die paste binnen de context van het volk Israël. Al is beďnvloeding van buitenaf niet uitgesloten, de bijbelse wijsheidsliteratuur heeft een eigen karakter. Het gangbare ideaal van wijsheid was een beheerste vorm van leven, waarin iemand zich niet liet meeslepen door hartstocht, maar juist een bezadigd leven leidde en van daaruit de samenhang in alles probeerde te ontdekken. In de Bijbelse wijsheidsliteratuur is ‘de vreze des Heeren’ het onbetwiste beginsel der wijsheid (Spr.9:10). Het beoefenen van wijsheid was normaliter voorbehouden aan een relatief kleine groep mensen, maar de bijbelse wijsheid is bestemd voor het hele volk. In de wijsheidsliteratuur kom je zowel de korte en puntig geformuleerde spreuken tegen, als meer uitvoerige beschouwingen over een bepaald onderwerp. De wijsheid in het boek Prediker strekt zich ook uit naar het terrein van de wetenschap. In 1:6-7 wordt gesproken over verdamping en wind. In hoofdstuk 12 blijkt worden we geconfronteerd met medische kennis, zoals de werking van de organen in het menselijke lichaam. De Prediker spreekt in 12:16 bijvoorbeeld over de bloedcirculatie, die door andere geleerden pas eeuwen later ontdekt werd. Salomo’s levensloop Koning Salomo, de bouwer van de eerste tempel in Jeruzalem, regeerde 40 jaar (971-932). Hij ontving zijn grote wijsheid van de Heere zelf (1Kon.3:4-15 en 4:29-34; 2Kron.1:1-13) nadat hij al machtig geworden was (2Kron1:1). In 1Kon.11 wordt beschreven hoe Salomo langzamerhand verstrikt raakte in de zonde. Hij sloot, waarschijnlijk vanuit strategisch oogpunt, vele huwelijken met buitenlandse prinsessen, die allemaal hun afgoden meenamen naar Kanaän. Voordat Salomo zo wijs werd, ging hij al een verbintenis aan met Farao en zijn dochter (1Kon.3). We lezen nergens dat Salomo zijn wijsheid kwijt raakte (2:9; 12:9), maar wel dat het rijk, wat tijdens zijn regering tot ongekende bloei kwam, overgegeven werd aan verbrokkeling. Het boek Prediker
en Salomo’s leven In het boek Prediker beschrijft Salomo ervaringen die hij opgedaan zou kunnen hebben in de periode van zijn leven dat hij van de Heere afdwaalde. Er wordt wel eens gezegd dat Salomo het Hooglied geschreven heeft tijdens de glorie van zijn ‘eerste liefde’; de Spreuken op het hoogtepunt van zijn wijsheid en het boek Prediker als terugblik op de periode van zijn leven waarin hij afdwaalde. Sommigen lezen het besluit van het boek Prediker als een uiting van berouw en koppelen hieraan de conclusies dat het met Salomo uiteindelijk toch goed is gekomen (dat hij behouden is). De Bijbel gaat op dit punt niet in. Anderzijds is het zo dat Salomo’s zoektocht naar wijsheid niet identiek hoeft te zijn met de periode waarin hij afdwaalde, maar ook gewoon het gevolg was van zijn honger naar kennis en wijsheid. Gezien het feit dat Salomo zelfs zijn zoektocht naar wijsheid als ijdelheid bestempelt (1:17; 12:12), zou het wel zo kunnen zijn dat zijn afdwaling in de zonde hem verblind heeft ten aanzien van het nut van zijn zoektocht. Samenvatting en
opbouw Prediker Salomo wilde onderzoek doen naar de wijsheid (zin) van alles onder de hemel (1:13-18). Deze moeilijke taak heeft God de mensen immers opgedragen (?). Na alles onder de hemel bekeken te hebben was zijn conclusie: alles is zinloos / ijdelheid, het najagen van wind (1:2; 12:8). Salomo vond dat hij vanwege zijn wijsheid toch wel in staat moest zijn om wijsheid, kennis, dwaasheid en domheid te kunnen beoordelen, maar er is geen kloppend verhaal van te maken. Zelfs het streven naar wijsheid noemt hij najagen van wind. Het kennen en vermeerderen van wijsheid gaat immers gepaard met veel moeite en verdriet (12:12). Salomo keert zich tegen de zienswijze dat het goede altijd beloond wordt en dat het kwade altijd gestraft wordt. Hij ziet geen aards voordeel van de wijze t.o.v. de dwaas en lijkt soms zelfs een agnostisch (theorie die het onmogelijk acht om God en het wezen van dingen te doorgronden) standpunt in te nemen t.a.v. het lot van mensen na de dood. Toch dringt hij er op aan om zonder de hoop op loon nu of straks, God te vrezen en zijn geboden te onderhouden. Hoofdstuk 1:2 t/m 12:8 beschrijven de zoektocht naar wijsheid en het resultaat daarvan. Het boek prediker kan ingedeeld worden op de volgende manier: Hoofdstuk 1:1 Introductie. Hoofdstuk 1:2-6:12 De ware wijsheid. Wat het NIET is. Hoofdstuk 7:1-12:8 De ware wijsheid. Wat het WEL is. Hoofdstuk 12:9-14 Persoonlijke informatie en conclusie Keer op keer worden algemene uitspraken over de mens afgewisseld met een beschrijving van Salomo’s persoonlijke zoektocht (de ik-vorm). De Spreuken zijn een openbaring van goddelijke wijsheid voor het praktische leven. In het boek Prediker lezen we menselijke ‘wijsheid’ over de zinloosheid van het aardse bestaan. Het verschil tussen Prediker en Hooglied zou je als volgt kunnen beschrijven: Hooglied leert ons dat wij mensen onmogelijk de liefde van Christus kunnen bevatten; ons hart is te klein voor Zijn liefde. Prediker laat ons zien dat we buiten Christus geen geluk kunnen bezitten; ons hart is te groot voor de wereld; de wereld kan ons niet vullen. De context van de
Wet Het boek Prediker past niet alleen qua genre in het Oude Testament, maar ook gezien de inhoud. Het appél van de Prediker past binnen het kader van de Wet, waaronder Israël toentertijd leefde. Keer op keer moest het volk worden voorgehouden dat het verbond met de Heere moest worden nagekomen. Ook in het boek Prediker komt het daar uiteindelijk op neer (12:13-14). Prediker behoort ook tot de ‘schriften die van Mij getuigen’ (Joh.5:39); Jezus Christus is ten diepste de ‘ware wijsheid’ (7:12) en in Hem is het leven. We komen in Prediker niet de waarheden tegen die ons in het Nieuwe Testament verder geopenbaard worden. Wij mogen verder zien! Vergeleken bij de heerlijke openbaring (Efeze, Kolossenzen…) over de gemeente is Prediker niet rijk aan inhoud, maar zeker wel behartigenswaardig. |