Sterren tellen

Aantekeningen voor een meditatie, behorend bij de bijbelstudieserie over Abraham

Het is prachtig als je ’s avonds in het donker omhoog kijkt en je ziet daar de sterrenhemel. We weten dat er sterrenbeelden bestaan; we weten van het bestaan van planeten af. We krijgen steeds meer kennis van het heelal en kijken er ook niet meer van op als er weer eens een brokje high-tech de ruimte in wordt gestuurd. Wat veel mensen niet weten is dat de sterren ons vertellen over Gods plan en Zijn grootheid (Ps.19, Ps.8, Ps.147:4). Een prachtig boek hierover is ‘Het staat geschreven in de sterren’ (uitgeverij Everread).

 

Ook in het verhaal van Abraham komen we sterren tegen.

Lezen: Gen.15:1-6

 

God belooft van alles, maar Abram ziet maar steeds dat ene probleem: hij heeft geen zoon.

En hij is nu toch al een jaar of 9 in Kanaän

Alles wat God belooft staat of valt met een zoon. Die ene zoon zou de sleutel zijn tot het grote nageslacht waarover God al sprak in Gen.12:1-3.

 

Het is een vreemde opdracht om de sterren te moeten tellen. Al voor dat je ermee start weet je dat het een onzinnige opdracht is.

Toch wil God Abram en ook ons hiermee een belangrijke les leren.

 

Als Abram rekende, moest zijn conclusie dit zijn: nageslacht was uitgesloten. Hij werd zo langzamerhand ook oud; Saraï was en bleef onvruchtbaar…

Door echter de sterren te tellen moest zijn conclusie dit zijn: het ontelbaar groot nageslacht zou realiteit worden. En wat het mooiste is: (vers 6): Hij geloofde dit echt! Hij geloofde God op Zijn woord, terwijl hij nog geen spatje bewijs in zijn handen had.

 

In Gen.22:7 vergelijkt God zijn nageslacht ook met het zand aan de oever van de zee.

Abraham heeft dan inmiddels het bewijs al gekregen dat God doet wat Hij zegt: hij staat daar bij het altaar met zijn zoon Izak.

 

Het ‘nageslacht van Abra(ha)m, wat talrijk is als de sterren’, is een gevleugeld begrip geworden in de Bijbel. Gen.15:5 / 22:7 / 26:4 / 32:12 / Ex.32:13 / Deut.1:10 / 10:22 / 28:62 / 1Kron.27:23 / Neh.9:23 / Hebr.11:12 / Jer.33:22. Nog steeds spreekt hieruit ook de trouw van God, die in het laatste der dagen Zijn volk Israël zal verzamelen uit alle uithoeken van de wereld.

 

Rekenen of tellen?

God verlegt de aandacht van Abram van het probleem naar de mogelijkheid.

Dit is een lijn die we door heel de Bijbel terug zien: God verlegt je aandacht en vestigt het op dat wat Hij je wil laten zien.

 

·         Een aantal voorbeelden hiervan:

·         Mozes: Ja maar… Wat hebt gij in uw hand? (Ex.4)

·         Een pad door de zee… (Ex.14)

·         Gideon: slechts met 300 mannen een oorlog winnen (Richt.7)

·         Asaf…totdat ik op hun einde zag… (Psalm 73)

·         Elia bij de Karmel…nog 7000 anderen met hem (1Kon.19)

·         Eliza en zijn knecht: die met ons zijn; zijn meer dan die tegen ons zijn (2Kon.6)

·         Hizkia met de brieven van Sanherib in de tempel (Jes.37)

·         Jeremia: ik ben te jong… (Jer.1)

·         Maria: ja maar ik ben nog maar een maagd… (Luk.1)

·         Heere, kijk eens wat een hoge golven… (Matth.8)

·         Fil.4:6 Wees niet bezorgd…maar laat alles bekend worden bij God…met dankzegging. Dankzegging bepaalt je bij wie God is en helpt je om niet te blijven steken bij het probleem.

 

Een bekende uitspraak: ‘Twijfel ziet de hindernissen, maar geloof ziet de weg.’

Of deze: ‘Denk eens aan de Herder, in plaats van de schaapjes te tellen.’

En wie kent nog deze tegelwijsheid: ‘De mens wikt, maar God beschikt.’

 

God doet wonderen die men niet tellen kan. Job 5:9 / 9:10.

Het is treffend dat deze woorden juist uit de mond van Job komen.

 

·         ‘Alle dingen zijn mogelijk bij God’ (Matth.19:26).

·         ‘Alle dingen zijn mogelijk degene die gelooft’ (Mark.9:23). Zie ook Mark.11:23.

·         ‘De dingen, die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God’ (Luk.18:27; Mark.10:27).

·         ‘Zelfs bij het naderen van de dood kan Hij volkomen uitkomst geven’ (Ps.68:10 berijmd).

 

God wil je aandacht verleggen.

Laat je dat ook toe?

Ogen van het geloof krijgen… De dingen gaan zien zoals Hij ze ziet…

Ja ik geloof, maar kom mijn ongelovigheid te hulp.’

We hebben geloof nodig, juist in het alledaagse leven waarin zoveel dingen gebeuren die we niet begrijpen of dingen gebeuren die ons grote zorgen geven.

·         Vastgelopen situaties in huwelijk op opvoeding…

·         Problematisch gedrag waar je geen raad mee weet…

·         Problemen met je baan of juist het ontbreken van een baan…

 

Als onze weg ophoudt, blijft Gods weg over.

Soms moet het wel zo ver komen dat je ‘dood loopt’ op je eigen weg en beseft dat God de enige is met Wie je verder kunt…

 

Lezen: Ps.62:5-9.